Kunzig Shamar Rinpoche: Visie, meditatie en sturing

De term visie verwijst naar het juiste begrip van het boeddhistische pad. Meditatie is de daadwerkelijke praktijk, de beoefening. En sturing duidt op de discipline die nodig is om op het pad te blijven. De visie is een diepgaande gids bij meditatie. Zonder degelijke kennis van de boeddhistisch leer ontstaan er hindernissen die te wijten zijn aan fouten in de beoefening. Als je niets over meditatie weet, kun je deze natuurlijk niet als fouten herkennen. Daarom doe je er goed aan een juist begrip te ontwikkelen voordat je met de oefeningen begint. Dan kun je de hindernissen herkennen en zal de meditatie zich verdiepen. Op deze manier hangen visie en meditatie samen.

Het actief bepalen van richting is gebaseerd op het begrijpen van karma. Correcte sturing wil zeggen dat je er voor zorgt dat activiteiten, met lichaam of spraak, niet door storende emoties worden beïnvloed. Als handelingen wel daardoor gekleurd zijn, wordt negatief karma gecreëerd. Zo kunnen we andere mensen leed berokkenen of zelfs doden als we onszelf laten beïnvloeden door boosheid. Met boosheid als drijfveer wordt veel negativiteit en kwaadwilligheid geproduceerd. Correcte sturing betekent dat handelingen vrij zijn van dergelijke invloeden en dat we in plaats daarvan handelen vanuit positieve kwaliteiten zoals medegevoel.

Net als meditatie wordt ook sturing beïnvloed door visie, omdat goed inzicht vanzelf leidt tot goede handelingen. Sommige mensen hebben hier problemen mee. Als iemand bijvoorbeeld de boeddhistische leer begrijpt en er ook de juiste visie op heeft maar er niet naar handelt, levert dit moeilijkheden op met zijn of haar eigen emoties. Zelfs geleerden kunnen zich negatief gedragen, omdat iemand het juiste inzicht kan hebben zonder de juiste meditatie. Meditatie is het middel om negatieve emoties te overwinnen en de juiste visie brengt het inzicht hoe ze overwonnen kunnen worden. Als we bevrijding willen bereiken, zijn onze negatieve emoties onze echte vijand.

Als we de Abhidharmakosha bestuderen, kunnen we leren hoe we onze storende emoties overwinnen. Deze tekst legt in detail uit hoe we onze negatieve emoties de baas worden en zelfs hoeveel tijd dit in beslag neemt. Soortgelijk onderricht kunnen we ook vinden in de Prajnaparamita en op het Vajrayana-niveau in de Sabmo Nang Gi Don. In de laatste wordt berekend dat het drie jaar, drie maanden en drie dagen duurt om alle problemen in samsara op te lossen met de gegeven methoden. Door het bestuderen van zulke teksten ontwikkel je kennis en begrip van het pad. Toch kan iemand die een drie-jaren-retraite heeft afgerond op een podium zitten en alles uit zijn hoofd reciteren, zonder noodzakelijkerwijs verlicht te zijn. In dat geval zijn de emoties nog steeds sterker dan zijn kennis, omdat hij het pad niet zelf heeft gevolgd. Emoties kunnen de visie overweldigen als ze niet overwonnen zijn door middel van meditatie.

Op het pad zijn veel verschillende hindernissen: hierdoor zul je er achterkomen wat voor type dharma-beoefenaar je bent. Om te kunnen mediteren heb je het juiste inzicht nodig, anders maak je veel fouten. Meditatie zonder goed inzicht is riskant. Je weet misschien wat over meditatie, maar dat is niet genoeg om je beoefening op lange termijn te ontwikkelen. Het is niet genoeg om je gewoon maar voor te stellen wat het beste is. Het overkomen van hindernissen is een kwestie van oorzaak en gevolg, en de wetenschap dat dingen met elkaar samenhangen. In het algemeen heeft sturing te maken met karma. Welke activiteit de juiste is, is afhankelijk van het ontwikkelingsniveau van onze meditatie. In Vajrayana is Samaya (verbintenis, belofte) erg belangrijk. Het betekent niet alleen het ontvangen van een inwijding op en het beoefenen van een bepaald boeddha-aspect, maar ook juiste sturing. Dit heeft betrekking op het vermijden van iedere activiteit die je eigen beoefening zou kunnen schaden. Als je bijvoorbeeld de meditatie voor het kalmeren van de geest (Tib.: Shinee / Skt.: Shamata) intensief beoefent maar ondertussen liever een hogere oefening zou doen, zoals Mahamudra, dan is dit een vergissing. Het is geen juiste sturing om een oefening te doen waarvoor je niet met succes de basis hebt gelegd. Het is natuurlijk een positieve wens om hoger onderricht zoals Mahamudra te willen beoefenen, maar in dit geval is het een hindernis. Als je op dit moment niet succesvol Shinee kunt beoefenen, kun je later ook niet goed zijn in Mahamudra. Ook wordt gezegd dat je niet te veel moet eten als je intensief Shinee beoefent. Als je veel eet en slaperig wordt, kun je de meditatie voor het kalmeren van de geest niet goed doen. Daarom zei de Boeddha dat monniken geen avondmaaltijd moesten gebruiken.

Visie, meditatie en sturing hangen dus in de praktijk samen. Boeddhisme schrijft niet zomaar wat voor. Het onderwijst praktische dingen zodat we resultaten kunnen boeken. Er zijn geen willekeurige regels, bijvoorbeeld dat je een bepaald soort hoofddeksel moet dragen om onderdeel te zijn van de religie, ook al heb ik dan een rode kroon (Shamar Rinpoche’s dragen traditioneel een rode kroon).

De juiste visie betekent in de ruimste zin van het woord dat je begrijpt wat de betekenis van de Madhyamika is. De Madhyamika is de essentie van alle hoge oefeningen van Mahamudra en Maha Ati. Geen van deze hoge meditaties kan worden beoefend als je de Madhyamika-visie niet begrijpt. Er zijn wellicht nog andere hoge meditaties die ik niet ken, maar de juist genoemde zijn de meditaties die naar verlichting leiden. De Madhyamika legt eerst de juiste visie uit. Op basis hiervan zijn speciale methoden ontwikkeld die namen hebben gekregen als Mahamudra en Maha Ati. Deze meditaties worden los van de visie van de Madhyamika weergegeven. Zo wordt bijvoorbeeld de rituele uitvoering van Chöd[1] – hoe je op de grote damaru (een rituele trommel) moet spelen en dergelijke – niet in de Madhyamika beschreven. Maar zonder de Madhyamika-visie kun je deze oefening niet doen. Er komt meer bij kijken dan alleen de muziek.

In Mahamudra en Maha Ati wordt veel gezegd over de natuur van de geest. Dit betekent dat de mediterende ter plekke verlicht raakt als hij de daadwerkelijke betekenis van Mahamudra of Maha Ati herkent. Probeer dat maar eens. We maken er grapjes over. Veel mensen die dit onderricht bestuderen, zeggen: ‘Mahamudra en Maha Ati zijn de hoogste meditaties. Ik heb ze jarenlang bestudeerd en nu weet ik wat ermee bedoeld wordt.’ Maar dat zou betekenen dat ze allang verlicht zijn. De natuur van de geest herkennen is de verlichting bereiken. In de teksten over Maha Ati staat dat wie deze oefening ’s avonds begint de volgende ochtend verlicht is. En ’s ochtends beginnen betekent verlichting in de avond. Dat is slechts twaalf uur, nietwaar? Als iemand zegt dat hij het begrijpt omdat hij het jaren heeft bestudeerd maar hij is nog niet verlicht, wat begrijpt hij dan eigenlijk? Het is niet zo gemakkelijk.

Je hebt misschien gehoord dat je je leraar als de essentie van alle boeddha’s moet zien. Laten we zeggen dat ik ermee akkoord ben gegaan jouw leraar te zijn om je de natuur van de geest te laten zien. Misschien zou je dat spannend vinden omdat het direct en bijzonder zou zijn, en zou je later onderweg naar huis zeggen: ‘Vandaag heb ik een heel bijzondere meditatie van mijn leraar gekregen.’ Maar kijk eens naar jezelf, wat is er eigenlijk in je veranderd? Dan kom je terug op visie, meditatie en sturing.

Milarepa kreeg onderricht van Marpa en praktiseerde vervolgens alleen. Hij richtte zich erop om vierentwintig uur per dag volledig geconcentreerd in een grot te mediteren. Maar hij zong ook veel liederen na het mediteren. Waarom deed hij dat? Zijn kennis van meditatie leidde zijn beoefening en daarom zong hij om zichzelf hieraan te herinneren. In het verloop van zijn beoefening waren op bepaalde tijden bepaalde methoden nodig, daarom componeerde hij een lied om die kennis uit zijn geheugen te kunnen opdiepen. Hoewel hij er nooit voor geleerd had, was hij erg goed in het schrijven van poëzie. Als het voor zijn meditatie nodig was, schreef hij een nauwkeurig gedicht. Wie het levensverhaal van Milarepa leest, ziet dat hij steeds een lied zong op sleutelmomenten in de ontwikkeling van zijn beoefening. Wanneer hij hindernissen tegenkwam, diepte hij allerlei methoden op. Zo was Milarepa’s kennis de leidraad voor zijn meditatie.

De Madhyamika onderwijst nauwkeurig en logisch dat verschijnselen en wezens niet werkelijk bestaan, waaruit mentale verwarring bestaat, en hoe illusies in de geest verschijnen. Het leert hoe je door oefenen vrij kunt worden van neuroses, gehechtheden en van de gewoonte om te geloven dat dingen concreet bestaan. Met de Madhyamika-visie begrijp je dit alles en kun je het verwijderen. Volgens de Madhyamika-visie op leegte zijn alle substantiële verschijnselen delen (Skt.: Skandha’s) die weer bestaan uit kleinere deeltjes. Vervolgens wordt dit metafysisch onderzocht door alles op te delen, totdat je ziet dat zelfs de kleinste deeltjes geen werkelijk eigen bestaan hebben. Vervolgens onderzoek je mentale projecties op dezelfde wijze. Er wordt aangetoond dat de geest zelf leegheid is: dat het een optelsom is van tijdelijke gedachten, waarvan er niet één onafhankelijk bestaat. Gedachten verschijnen in samenhang met en afhankelijk van elkaar. Daarom heeft de geest ook geen vaste bestaansvorm. Dat is de Madhyamika-visie op leegheid. Als we desondanks tegen de muur slaan, doet onze hand zeer. Hoewel je door de logica begrijpt dat er geen werkelijke bestaansvormen zijn, heb je nog niet de ervaring van de betekenis ervan. Het gaat er niet om alles uit te leggen als niet bestaand. Logica alleen is niet genoeg om de illusies te verwijderen. Op basis van de Madhyamika visie moeten meditaties worden beoefend, die elkaar op een bepaalde manier opvolgen.

Wat bereiken we daarmee? De Madhyamika toont aan dat alle dingen leeg zijn. Maar we willen niet louter leegte bereiken. Wat zouden we daar immers aan hebben? Waar leegte om gaat, is het bereiken van een dieper begrip van de geest door Mahamudra – de kern van Madhyamika. Het zijn noch de uiterlijke wereld, noch ons lichaam die ons in samsara gevangen houden. Noch het universum, noch onze lichamen zijn in samsara – onze geest is in samsara. Het gaat erom de geest te onderzoeken met de nauwkeurige logica van de Madhyamika. Zodra je op de juiste wijze op de geest gericht bent, heb je de juiste visie. Om deze visie als oefening op de geest toe te passen, laat je de geest deze visie ervaren. Dan heb je de ervaring van Mahamudra in een ogenblik.

Om Mahamudra te ervaren is grote concentratie nodig. Daarom is het belangrijk eerst Shinee te beoefenen. Zonder de stabiliteit van Shinee is de visie van de geest als een vlam in de wind: zo is hij er en zo is hij verdwenen. Als je zonder geestelijke stabiliteit de juiste visie probeert te verkrijgen, zul je misschien korte inzichten hebben maar de ongetemde geest is niet in staat deze vast te houden. Beweringen als ‘je kunt in één ogenblik verlichting bereiken’, zijn zinloos voordat je in staat bent de visie ononderbroken vast te houden.

Ontwikkel eerst de visie en op basis daarvan de directe ervaring van de geest. Oefen dit vervolgens ononderbroken. Als de juiste visie op de geest ontwikkeld is, is dat een bevrijding van onwetendheid. De visie moet echter ononderbroken vastgehouden worden en dat lukt alleen met mentale stabiliteit.

Dit artikel is voor het eerst in het Nederlands verschenen in 2004 in de tweede uitgave van het magazine "Boeddhisme NU". Een publicatie van Diamantweg Boeddhisme Nederland.


[1] Een tantrische oefening om een eind te maken aan het ego door het symbolisch offeren van je lichaam.

Lama Ole Nydahl: The Source Of Happiness