Gyalwa Karmapa Thaye Dorje: Interview met de zeventiende Gyalwa Karmapa Thaye Dorje

Kunt u ons vertellen wat u de laatste maanden gedaan heeft voordat u naar Europa kwam?
De laatste twee maanden heb ik voornamelijk gestudeerd in de Shedra naast mijn huis in Kalimpong. Ik studeerde daar samen met andere monniken van het instituut. Kort voordat ik naar Europa kwam hadden we examens.

We dachten dat u uw formele opleiding had afgesloten omdat u in Nieuw Delhi in december 2003 uw Vidyadhara-ceremonie had doorlopen?
Wat ik had afgemaakt was mijn opleiding in meditaties en rituelen. Daarom werd ik benoemd tot een Dorje Lopon. Dit betekent dat ik de studie en de transmissie heb afgesloten, en dat ik gemachtigd ben deze transmissies door te geven. Mijn algemene studie is nog niet klaar. Als het zover is ben ik een Khenpo.

Hoe ontwikkelt zich het nieuwe instituut in Kalimpong?
Het gaat erg goed. We zitten nu in het derde jaar en er zijn rond de 80 studenten.

Welke voordelen kan de beoefening van het Diamantweg-boeddhisme hebben voor de westerling?
De beoefening van het Diamantweg-boeddhisme, zoals we dat beoefenen in onze Diamantwegcentra, kan dezelfde verdiensten en resultaten hebben al het onderricht van de Karma Kagyu traditie. Het is een moderne aanpak van de essentiële leringen die al vele jaren resultaten brengen.

U bent de liniehouder van de Karma Kagyu traditie. Wat betekent dat?
De liniehouder van de Karma Kagyu traditie is er verantwoordelijk voor dat de transmissies van Mahamudra en de Zes yoga’s van Naropa behouden blijven en doorgegeven.

Wat is de betekenis van de naam "Karmapa"?
Karmapa is een term uit het Sanskriet en betekent: "Degene die de activiteit draagt".

Wat is de activiteit van een Karmapa?
Vanaf de allereerste Karmapa, Dusum Khyenpa, was het de voornaamste taak om de transmissies levend te houden. Hij ontving alle leringen en alle transmissies van Gampopa en deze werden overgedragen naar de tweede reïncarnatie en naar andere Karma Kagyu meesters. Meestal werden ze overgedragen via de reïncarnatie van Shamar Rinpoche. Op deze manier zijn ze overgedragen tot aan de 17de reïncarnatie van de Karmapa. In de Karma Kagyu Linie is het de liniehouder die de transmissie draagt. De belangrijkste activiteit van de Karmapa is het levend houden van de Dharma en de activiteit van de Boeddha en ook om deze over te brengen naar alle wezens. Vroeger was dat vooral naar plaatsen in Tibet, maar tegenwoordig is deze activiteit zo omvangrijk geworden dat ze overal is. Zoals ik al zei: het is de transmissie die levend gehouden moet worden.

Wat beschouwt u als het meest wezenlijke van het Boeddhisme?
De Dharma is geen religie hoewel het in veel landen als zodanig wordt beschouwd. Het is meer een filosofie. Maar tegelijkertijd is het meer dan dat, omdat het praktische methoden biedt die je kunt gebruiken. Het zijn gewoon lessen en methoden om onze geest te openen voor de Boeddhanatuur die we allemaal in ons dragen.

In de snelle westerse wereld zijn er moeilijke situaties in het dagelijks leven zoals stress en depressies. Hoe kunnen boeddhistische methoden helpen met deze problemen om te gaan?
Door boeddhistische methoden te gebruiken zijn we in staat om te zien hoe Samsara werkt. We zien in dat alle moeilijke omstandigheden die we ervaren het gevolg zijn van onze negatieve handelingen, gedachten en woorden. Door de Dharma te beoefenen - door het analyseren van oorzaak en gevolg van problemen en leed - is het mogelijk om de oorzaken te voorkomen en de problemen te overwinnen. We zijn in staat onze situatie te veranderen. Op dit moment leven we onder de meest ideale omstandigheden en hebben we de volmaakte gelegenheid om verlichting te bereiken.

In eerdere interviews heeft U gezegd: "Oefen hard" en "Met meer inspanning". Waarom is dit nodig?
Het is waar. Ik zeg het altijd. Ik weet zeker dat iedereen heel goed oefent, maar toch probeer ik mensen aan te moedigen om meer te doen en er nog iets harder aan te trekken. We zijn allemaal beoefenaars in dit leven en daarbij hebben we deze prachtige gelegenheid, het geluk dat we dit kostbare menselijke lichaam bezitten. We hebben de Dharma, maar soms vergeten we dat we hard moeten werken. Met de westerse levensstijl kan dit moeilijk zijn omdat er weinig tijd voor is. Het meeste werk dat de mensen verrichten heeft te maken met het normale dagelijkse leven. Ik weet dat dit ook de beoefening van de Dharma ondersteunt. Maar als we echt de Dharma willen beoefenen en ons willen bevrijden van Samsara dan denk ik nog steeds dat we harder moeten oefenen. Natuurlijk is dit niet ons laatste leven, maar dit leven is zo kostbaar dat we echt een gouden kans hebben. Daarom is het zo belangrijk om het niet te verspillen.      

Hard oefenen klinkt niet zo uitnodigend voor veel westerlingen. De leefstijl bladen staan vol met termen zoals "welzijn" , "ontspanning" en "goed zijn voor jezelf". Is het mogelijk om verlichting te bereiken zonder hard te oefenen?
Als ik hard zeg probeer ik de betekenis van het Tibetaanse woord Tsuendru uit te drukken. Ik geloof dat jullie daar 'enthousiasme' of 'vreugdevolle inspanning' voor gebruiken. Hard oefenen betekent niet dat je met veel stress je lichaam of geest moet zetten. Het gaat meer over genoeg tijd nemen en het vinden van de juiste manier van beoefenen. Allereerst moeten we een duidelijk inzicht hebben in wat we doen, en begrijpen welke resultaten we zullen krijgen. Vervolgens moeten we oefenen met vreugde. Probeer meer tijd te vinden, probeer het zoveel mogelijk te doen. Er is ook een verschil tussen een beginner en iemand die al langer oefent. Voor een beginner is het goed om korte perioden te oefenen en vervolgens te ontspannen. Maar als iemand gewend is aan lange meditatiesessies is dat voor die persoon makkelijk en simpel. Hoe meer je mediteert, hoe meer de kwaliteit van je meditatie toeneemt. Zelfs het lichamelijk gevoel wordt telkens beter. Het is een geleidelijk proces.

In het Tibetaans kennen we de term "heart-bone"-Nyingru. Wat betekent dit?
Het is een uitdrukking om te zeggen dat je met grote vastberadenheid heel hard oefent.

Is het mogelijk om de kwaliteit van je eigen Dharmabeoefening te beoordelen?
Je moet voortdurend bewust zijn van hoe goed je bezig bent en in de gaten houden welke graad van realisatie je hebt. Je moet bewuster worden. Wees opmerkzaam, zonder jezelf of je ervaringen te beoordelen.

Is het mogelijk om dat zelf te doen zonder de hulp van een leraar?
Je hebt een leraar nodig, iemand die de realisatie en ervaring heeft om je te leiden, zodat je niet van het pad afdwaalt. Tegelijkertijd - terwijl je deze begeleiding gebruikt als een instrument, moet je de dingen zelf onderzoeken.

Waarom is het zo belangrijk om een leraar te ontmoeten, vooral in Diamantweg-boeddhisme?
Als je vrij wilt zijn van Samsara moet je de Dharma vinden, en die kun je niet zelf vinden. Je hebt ondersteuning en hulp nodig van een leraar. Hij of zij is degene die ons de weg wijst en in feite de drie juwelen vertegenwoordigt - Boeddha, Dharma en Sangha. Elke leraar heeft dezelfde essentie en we moeten naar de kwaliteiten van de leraar kijken, en niet naar zijn verschijning zoals we die waarnemen met onze vijf zintuigen. Alles wat we op dit moment door middel van onze vijf zintuigen waarnemen is een illusie die ons kan afleiden. In het algemeen is in het Boeddhisme de leraar niet zo belangrijk, maar in de Diamantweg, het Vajrayana, is het essentieel. In de Diamantweg zijn de methoden speciaal en daarom moet de verbinding ook speciaal zijn. Daarom is de rol van leraar erg belangrijk. Je moet er zeker van zijn dat hij de juiste voor je is. Zoals dat ook andersom geldt: de leraar moet er ook zeker van zijn dat je de juiste leerling bent. Traditioneel duurde dit drie jaren.

Wat moeten we doen om goede Dharma-studenten te zijn?
Ik zou zeggen om een goede beoefenaar te zijn moeten we ons op ieder moment bewust zijn en bodhicitta ontwikkelen. Dit zijn de belangrijkste dingen. Zolang we dit bezitten zal alles wat we doen in ons dagelijks leven een positief resultaat brengen.

Wat is bodhicitta?
Zolang wezens in Samsara verblijven en ze geen bodhicitta hebben, zullen hun motivatie en handelingen gericht zijn op hun eigen geluk. Ze worden egocentrisch en zullen hierdoor veel problemen ervaren zoals bijvoorbeeld het hebben van ongecontroleerde emoties. Ze hebben niet door dat hun acties tot problemen leiden. Maar met bodhicitta zijn we bewust tot waar we kunnen gaan en op welk punt onze handelingen schade aanrichten. Onze daden zijn dan niet meer gericht op ons eigen belang maar zonder uitzondering gericht op het belang van alle anderen. Ongeacht wie! Het proces van beginneling, voortschrijdend door verschillende lagen van realisatie tot volledige realisatie is het bodhisattva-pad. Je moet onderscheid maken tussen twee soorten bodhicitta: relatief en het absoluut. Relatief bodhicitta behelst het ontwikkelen van liefdevolle vriendelijkheid en medegevoel gebaseerd op het begrip dat alle levende wezens door hun karma en hun storende emoties in Samsara leven. Dit inzicht geeft op een natuurlijke manier ruimte voor de wens dat alle levende wezens de verlichting mogen bereiken. Met dit streven handelt men als een bodhisattva en beoefent met de Zes paramitas, te beginnen met de eerste: vrijgevigheid. Dit is allemaal relatief bodhicitta. De absolute bodhicitta is het begrijpen van de zesde paramita: wijsheid. Door de realisatie van de absolute bodhicitta worden alle zes paramitas geperfectioneerd.

Wat is het belangrijkste op de weg naar verlichting?
Er zijn drie verschillende soorten van boeddhistisch onderwijs. Wij die het Tantra beoefenen moeten bodhicitta genereren, en hieraan moeten we de innerlijke en uiterlijke activiteiten toevoegen. Dit is noodzakelijk om de speciale methoden van Tantra te gebruiken. De innerlijke activiteit is opmerkzaamheid, het waarnemen van je eigen mentale staat. En de uiterlijke activiteit is bewustzijn, het controleren van je handelingen. Maar het belangrijkste is bodhicitta: de opmerkzaamheid dat alles wat we doen niet voor onszelf is maar voor iedereen. En de bron hiervan is liefdevolle vriendelijkheid en medegevoel. Er is geen vajrayana zonder dit.

Afgelopen jaar, in een interview met US Buddhism Today, heeft u gezegd dat het zonder de Zes yoga’s van Naropa niet mogelijk is om in een korte tijd diep te gaan. Hebben de resultaten van onze beoefening te maken met het al of niet doen van een van de 'hogere' leringen?
Ik zou niet willen spreken van hogere of lagere oefeningen. Boeddha gaf vele methoden en Tantra staat bekend als een weg van effectieve en vaardige methoden. De Zes yoga’s van Naropa behoren hiertoe en geven daarom snelle resultaten als zij op de juiste wijze beoefend worden. Je hebt daarvoor een heel goed begrip nodig van de volledige betekenis van de Dharma, en je moet tijd besteden in retraite. Maar je kunt echt niet zeggen dat het een hogere oefening is. Alsof de beoefening van Ngöndro lager zou zijn. Over het algemeen worden de resultaten bepaald door de intensiteit en de motivatie. Want de basis of motivatie moet altijd liefdevolle vriendelijkheid, medegevoel en de verlichte houding zijn.
We beginnen met het krachtige doel in dit leven verlichting te bereiken, en we hebben doorzettingsvermogen nodig om goede vooruitgang te boeken. Gewoonlijk hebben we een druk leven en daarom is het goed om het proces van het beoefenen van de zes paramitas standvastig te doorlopen. Door alle methoden te gebruiken die beschikbaar zijn en die binnen onze mogelijkheden vallen, zullen we ons geleidelijk ontwikkelen. Op deze manier kunnen we bevrijding in een enkel leven bereiken. Als we sterke wensen hebben gedaan zullen misschien de omstandigheden zich voordoen waarin we de Zes yoga’s van Naropa kunnen beoefenen. Anderzijds kunnen we misschien de Mahamudra-weg beoefenen zoals Mahasiddha Saraha, maar ook dit vergt een retraite. Beide manieren moeten we intensief beoefenen om verlichting in één leven te bereiken.

Als mensen vele jaren oefenen, kan soms het enthousiasme en de inspiratie van de eerste jaren verdwijnen. Wat zou u adviseren in deze situatie?
Dit is de menselijke natuur denk ik. Het is hoe Samsara werkt. Het is gewoon een gewoonte dat we altijd weer iets nieuws willen hebben. Zij we er eenmaal aan gewend, raken we verveeld. Voor het praktiseren van de Dharma werkt dit negatief en daarom moeten we proberen deze gewoonte kwijt te raken. Als het toch gebeurt, zou het goed zijn om terug te gaan naar het fundament van de Dharma: de vier basis gedachten. Dat is het beste om te doen: teruggaan naar de basis.

Lama Ole en Hannah hebben ongeveer 450 centra over de hele wereld opgezet. En het lijkt erop dat het aantal blijft groeien in het westen. Wat is uw mening over de oorzaak van deze ontwikkeling?
Ten eerste is er het karma van alle Dharma-vrienden wat vanuit hun vorige levens nu tot rijping komt. Alle gunstige omstandigheden die we nodig hebben moeten aanwezig zijn. En bovenal hebben we het belangrijkste: het onderricht dat onze geest bereikt en opent. In feite denk ik dat er drie oorzaken zijn: de leerlingen, de leraar en de methoden. Nu moeten we onze energie aanwenden om dit potentieel te ontwikkelen.

Heeft u nog wensen?
Dit is eenvoudig. Ik wens dat iedereen zo spoedig mogelijk verlichting bereikt. Echt iedereen. Dat is alles.

Wat zou uw boodschap zijn voor de beoefenaren van het Boeddhisme?
Dat zou dezelfde wens zijn. Het is van groot belang de Dharma te beoefenen en het is daarbij erg belangrijk om bij alles wat je doet bodhicitta te hebben. Het is erg opwindend of inspirerend om iets nieuws te beginnen, maar de moeilijkheid is er mee door te gaan. Dat is heel moeilijk want het vergt tijd, moed en het vergt veel van je. Daarom adviseer ik om door te gaan met het beoefenen en om de Dharma zoveel mogelijk in je leven te gebruiken..

Dit artikel is voor het eerst in het Nederlands verschenen in 2004 in de tweede uitgave van het magazine "Boeddhisme NU". Een publicatie van Diamantweg Boeddhisme Nederland.

Lama Ole Nydahl: The Source Of Happiness